Psalm 54 Deus in nomine – God met uw naam

Blad: 66r

Lees:

Opschrift in rode letters, beginnend onder aan de vorige bladzijde: Tot het einde. In verzen. Een onderwijzing van/voor David. Toen de Zifieten kwamen en tegen Saul zeiden: houdt David zich niet bij ons verborgen? Stem van een smekeling. In zwarte letters: tot Christus.

Het verhaal achter dit historische opschrift in te lezen in 1 Samuël 23, 14-28.

Bid: Vers 3-5

Kijk:

Met opgeheven handen staat een man voor de koning, die gewapend met een lans op de troon zit en het spreekgebaar maakt. Tussen hen in een man die zich tracht te verbergen achter een schild en door beiden niet gezien wordt. De illustratie past bij het historische opschrift boven de psalm. De stad die rechts ligt moet de stad van de Zifieten zijn, gelegen op de heuvel Chakila. De man achter het schild is dan David, die zich voor koning  Saul verbergt. De man met de opgeheven handen heeft de koning verteld waar hij David kan vinden. De kunstenaar leegt het moment vast waarop koning Saul spreekt: Moge de HEER u zegenen,’ antwoordde Saul. ‘U bent tenminste met mij begaan. Maar ga eerst nog een keer precies na waar hij zit en wie hem daar gezien heeft, want men heeft me verteld dat hij bijzonder listig te werk gaat. Zorg ervoor dat u al zijn schuilplaatsen te weten komt en kom dan met de precieze gegevens bij me terug. Dan zal ik met u meegaan, en als hij zich inderdaad bij u in Juda bevindt, zal ik hem tussen alle duizenden inwoners van het land weten te vinden.

Bid: Vers 6-9

Kijk nog eens:

Het schild dat David verbergt is het symbool van de bescherming en de hulp van Gods wege die de psalmist, David,  ervaart: Toch is het God die mij helpt, de Heer die mijn leven bewaart.

Schrijf: